Het project
gebiedshistorie
Herkenrade
Eerder genoemd als : Herckenraye, Herkenroede, Herckenrade.
Herkenrade is volgens schrijver Franquinet afgeleid van het woord ‘Harc’ wat bos of heilig woud betekent. Rade of rode komt van rooien oftewel ontginning. Herkenrade is dan te verklaren als de plaats waar bos is ontgonnen.
Geschiedenis Herkenrade
Herkenrade is tussen de 11e eeuw en de 13e eeuw gesticht vanuit de heerlijkheid Eijsden. En werd daarom ook wel Eijsden op den Berg genoemd. De plaats was ooit groter dan het nabijgelegen Sint Geertruid, maar had geen eigen parochiekerk. Dat kwam, omdat Herkenrade in 1662 aan de Landen van Overmaas werd toebedeeld. Terwijl Sint Geertruid bij de heerlijkheid Breust bleef behoren. De Landen van Overmaas behoorden tot de Republiek der Verenigde Nederlanden, waar de uitoefening van de katholieke godsdienst aanvankelijk verboden was. De parochiekerk van de bewoners van Herkenrade bevond zich dus in Sint Geertruid.
In 1828 werd de gemeente Sint Geertruid gesticht, waavan Herkenrade deel ging uitmaken. Herkenrade kreeg een eigen parochie.
Banholt
Banneth, te Bannet, 1854 Banholt.
‘Holt’ moet waarschijnlijk worden uitgelegd in de betekenis van ‘bos’. De naam betekent dan hetzelfde als banwoud: ‘bos waar alleen de koning het recht tot jagen heeft’.
Het eiland van Banholt
Voor het begrijpen van de vormen in het landschap is het onderscheid tussen de zogenaamde Oost-Maas en West-Maas belangrijk. Het stroomgebied van de huidige Maas kent twee ruimtelijk gescheiden gebieden:
1. De Oost-Maas. Deze had een zuidwest-noordoost gericht afvoer.
2. De West-Maas. Deze stroomde in noordwestelijke richting.
De tussenliggende zone onderscheidt zich van het omliggende landschap omdat hier de hogere gebieden liggen (165 tot 212 m +NAP). Doordat grote delen buiten de invloedssfeer van de Maas
bleven, ontwikkelden hier bovendien aparte reliëfvormen. De scheidingszone kan worden opgedeeld in een aantal ‘eilanden‘ die gescheiden zijn door laagten (de dalen van de Geul en Geleenbeek). Één van die eilanden is het eiland van Banholt.
De Banholtermolen
In 1847 kocht de heer Mandervelt een stuk grond op de Banholterheide om een windmolen te bouwen. Deze molen had een lage houten achterkant en stond op een achtkante gemetselde onderbouw van baksteen. De molen brandde in 1877 af. De heer Honje(t) liet hem in steen herbouwen, waarbij de molen de later bekende vorm kreeg. De molen werd ingericht met twee koppels stenen en een spoorwiel, afkomstig van een watermolen. De jaren van de Eerste Wereldoorlog waren voor het maalbedrijf en de handel een gunstige tijd. Het gemaal en de interesse van de molenaar verslapte echter in de jaren twintig. Mede onder invloed van de toenemende concurrentie door een motormaalderij in het dorp werd de molen stilgezet en verviel hij tenslotte geheel.
Mheer
Vermeld als: Mere, Mereh, Merh, Mher, of Mehr.
Mheer (Limburgs: Maer) ligt net boven de Belgische grens. Tot 1982 was Mheer een zelfstandige gemeente. Sindsdien maakt het deel uit van de fusiegemeente Margraten.
De naam is ouder dan de nederzetting en bestond al vóór de eerste bewoning. ‘Mere’ is de benaming voor het droogdal dat vanaf de Noordkant van ’s Gravenvoeren het Plateau insneed. De huidige naam van het droogdal is ‘de Steeg’. ‘Mere’ zelf betekent ‘modderige plaats’.
Ontstaan van Mheer
Mheer ontstond op een plateau tussen twee omvangrijke droogdaluitlopers. Aan de zuidzijde gaat het plateau via een korte, relatief steile helling over in een droogdal, waarin de watergang Horstergrub ligt. Aan de noordzijde is de helling van het plateau langer en minder steil.
Wanneer het huidige dorp Mheer ontstond, is onduidelijk. Wel zijn er resten gevonden die erop duiden dat al ruim voor onze jaartelling mensen in dit gebied woonden. Voor het eerst wordt melding gemaakt van dit kerkdorp in de 11e eeuw. Zoals gebruikelijk in de loop der eeuwen, verruilde Mheer nogal eens van eigenaar. Dan was het een zelfstandigheid, dan viel het onder Spaans bezit, dan was het weer een heerlijkheid.
De parochie Mheer is ontstaan uit het moederdorp 's-Gravenvoeren. In 1658 wordt aan de kerk van Mheer het recht van "het eerste en laatste sacrament" (doop en begrafenis) toegekend, hetgeen in de praktijk neerkomt op erkenning van Mheer als zelfstandige parochie. De parochie viert in 2008 haar 350-jarig jubileum.
drs. Ruud Offermans
Bronnen:
De Molens van Limburg, P.W.E.A. van Brussel 1991
Historische verkenning van Mheer, prof. J.T. Leerssen & W. Senden, Gadet, Maastricht, 1995